• 14 januari 2016

Kamervragen gevolgen van de Wet werk en zekerheid

De minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft Kamervragen over de gevolgen van de Wet werk en zekerheid voor jonge wetenschappers beantwoord. Door de invoering van deze wet is de ketenbepaling voor elkaar opvolgende tijdelijke arbeidscontracten aangepast. Volgens de cao universiteiten geldt een maximale duur van vier jaar voor opvolgende tijdelijke contracten. Daarna ontstaat een contract voor onbepaalde tijd. De gebruikelijke onderzoeksperiode voor jonge wetenschappers bedraagt vier jaar. Een contract voor vier jaar kan dus niet worden verlengd met een nieuw tijdelijk contract wanneer door omstandigheden het onderzoek niet is afgerond. De minister merkt op dat een contract voor onbepaalde tijd met toestemming van het UWV of met wederzijds goedvinden kan worden beĆ«indigd als een (onderzoeks)project afloopt en er geen mogelijkheden zijn om een werknemer langer in dienst te houden. Volgens de minister is er geen aanleiding om de ketenbepaling aan te passen.

Laatste nieuws

  • Berekening buitenlandbijdrage Zvw

    24 mei 2018

    EG-verordeningen inzake de sociale zekerheid bepalen dat in beginsel slechts één wetgeving van...

  • Verzuimboete

    24 mei 2018

    Om een verzuimboete op te leggen is voldoende dat sprake is van een verzuim. Schuld of...

  • Non-concurrentiebeding

    24 mei 2018

    Een non-concurrentiebeding wordt in de praktijk vaak concurrentiebeding genoemd. Feitelijk is dat...

  • Gebruikelijk loon

    17 mei 2018

    De gebruikelijk-loonregeling is van toepassing op werknemers, die een aanmerkelijk belang hebben...

  • Aanpak van belastingontwijking en -ontduiking

    17 mei 2018

    De vaste commissie voor Financiën van de Eerste Kamer heeft vragen gesteld aan de staatssecretaris...